Waarneming
Geplaatst op: 27-02-2007
Veel mensen verwarren het fysieke zien met kennis. Zij denken niet diep genoeg na om te ontdekken, dat men iets kan zien en het toch niet kent, terwijl men iets kan kennen en het toch niet ziet. Echte waarneming is ware kennis. Waarneming is het vermogen van de ziel; het is het zien door de hogere intelligentie waarvan de visie nimmer dwaalt.1
Onze waarnemingen van nu vormen de grondslag van de persoon die we zullen worden, en verworven kennis is de kennis die ons ter beschikking zal staan. Waarneming, zoals hier gebruikt, is een bewust iets dat weloverwogen en doelgericht is, zoals de ogenblikkelijke flits van inzicht die we kunnen krijgen wanneer we op een nieuwe manier gericht naar iets kijken. Het wordt een deel van ons. Door ons waarnemingsproces aan te passen zodat we bewust keuzes maken, bevorderen we de ontwikkeling van een betere toekomst. Zelfs wanneer de verandering gering is, kunnen er nieuwe inzichten ontstaan en gecombineerd worden, zodat de resultaten de oorspronkelijke inspanning verre overtreffen. Een scherpere waarneming kan ertoe bijdragen dat onze samengestelde natuur gaat samenwerken met inzicht; en omdat het geheel meer is dan de som van zijn delen, kan door toenemende samenwerking het geheel veel grotere dingen tot stand brengen dan elk deel op zichzelf zou kunnen.
Als we onszelf niet als een enkelvoudige, bewuste entiteit beschouwen, maar als een wanordelijk leger van vele verschillende stemmen, begrijpen we misschien hoe het gebrek aan heelheid de waarneming belemmert, en hoe de verschillende stemmen soms uit gewoonte een eigen leven leiden, los van het geheel. De theosofie gebruikt het beeld van de menselijke constitutie die uit zeven verschillende delen is samengesteld – geestelijk, mentaal, begeerte, enz. – die voor een harmonisch evenwicht alle moeten samenwerken als in een symfonie, waarin elk bijdraagt met zijn eigen stem, op het juiste moment, op de juiste manier, ten behoeve van het geheel. Maar dat gaat alleen op voor een wezen dat zich in deze wereld heeft vervolmaakt. Wij, die nog ‘onvolmaakt’ zijn, gaan niet altijd te werk vanuit een bewust standpunt. We worden bijvoorbeeld niet boos omdat het juist is boos te zijn, maar hebben in plaats daarvan de gewoonte een van onze afzonderlijke stemmen toe te staan zich boos te uiten en in bepaalde situaties te overheersen, in het bijzonder als we moe of overstuur zijn – en veelal zijn we ons niet bewust van het tijdstip waarop dit begint. Een intern conflict tussen de verschillende gewoonten is dan het natuurlijk gevolg, en dit belemmert ons als een innerlijk samenwerkende eenheid te opereren. De begeerte–gewoonte, die boosheid wordt genoemd, komt misschien in conflict met de mentale wens onszelf te beheersen en kalm te blijven. Deze twee stemmen strijden dan voor een voortgezet bestaan door met elkaar te wedijveren om de macht, en omdat ze verband houden met beperkte gezichtspunten, verdraaien ze hun inbreng in het waarnemingsproces. We krijgen een helderder beeld wanneer we vanuit eenheid te werk gaan. ....
Lees verder op:
Bron: http://www.theosofie.net/sunrise/sunrise1994/septokt1994/waarneming.html - David Blaschke

