De oorzakelijke aard van cyclussen
Geplaatst op: 22-07-2006
De leer van de cyclussen is een van de belangrijkste op het hele kosmische terrein van de esoterische filosofie, omdat herhaalde of ritmische werking fundamenteel is in de natuur. Ieder wezen en ding dat bestaat, is inderdaad een uitdrukking van een ritmische trilling: wij zijn niet alleen de kinderen van cyclussen groter dan wijzelf, maar we belichamen in werkelijkheid cyclussen in ons eigen wezen, omdat we in al onze levensprocessen cyclisch zijn. Dezelfde regel geldt met gelijke kracht voor elke entiteit in de grenzeloze oneindigheid, of dit een melkwegstelsel of een atoom is.
We nemen cyclussen waar door het weerkeren van bewegende wezens en dingen in onze wereld en denken ten onrechte dat deze herhalingen worden veroorzaakt door een ongrijpbare grootheid, tijd genoemd, terwijl ze in werkelijkheid worden veroorzaakt door de cyclische bewegingen van de lichamen of van het bewustzijn van entiteiten. Het wentelen van de planeten om de zon is een voorbeeld; het wordt niet veroorzaakt door de tijd. De bewegende entiteiten brengen zelf in ons de tijd–illusie teweeg tengevolge van ons onvolmaakte begrip van hun werkingen in de duur. Zoals een van de Stanza’s van Dzyan1 zegt: ‘De tijd was niet, want hij lag in slaap in de oneindige schoot van de duur’ — omdat er toen geen bewegende dingen meer bestonden.
Een mens is een cyclus; een atoom is een cyclus — in de technische betekenis. We zeggen dat de zon ’s morgens opkomt en ’s avonds ondergaat, en we noemen het een cyclus, een dag. De tijd–illusie, veroorzaakt door het bewegende voorwerp — in dit geval onze aarde — geeft ons het idee dat een dag wordt voortgebracht door een absolute grootheid, tijd genoemd, of een integrerend deel is van zo’n afzonderlijke entiteit.
Lees verder op
Bron: http://www.theosofie.net/sunrise/sunrise1997/septokt1997/oorzakelijkeaard.html - G. de Purucker

